Ga naar inhoud

Basiskennis

Stroomstoring Súdwest-Fryslân: oorzaken en herstel

Stroomstoring Súdwest-Fryslân: oorzaken en herstel

Op 28 juni 2026 trof een stroomstoring Súdwest-Fryslân én Leeuwarden gelijktijdig, een patroon dat volgens energiedeskundigen wijst op een fout op 110kV-niveau bij TenneT of een regionale Liander-schakelinstallatie — niet op een lokale kabelbreuk.

Korte samenvatting

  • De storing van 28 juni 2026 trof tegelijk Leeuwarden én Súdwest-Fryslân — duidt op 110kV-netprobleem.
  • Kleine kernen als Stavoren en Workum kennen hersteltijden van 1,5 tot 3 keer langer dan Sneek-stad door radiale netten zonder ringredundantie.
  • Agrariërs in Súdwest-Fryslân rapporteren teruglevercappingen van 70–130 kW per aansluiting door netcongestie.
  • Een eilandwerking-geschikte thuisbatterij kost in 2026 €5.000–€9.000; ISDE-subsidie bedraagt maximaal €1.500.

Wat gebeurde er bij de stroomstoring Súdwest-Fryslân op 28 juni 2026?

De storing van 28 juni 2026 was geen doorsnee lokale kabelstoring. Dat Leeuwarden en Súdwest-Fryslân tegelijkertijd uitvielen, meldt AD.nl op 28 juni 2026. Dit maakt een probleem hoger in het net de meest waarschijnlijke verklaring: een fout op 110kV-niveau bij TenneT of bij een regionale schakelinstallatie van Liander die meerdere regio’s tegelijk bedient. De exacte uitvalzone per kern heeft Liander niet in detail publiek gemeld, maar bewoners meldden uitval in de Sneek-omgeving en aangrenzende kernen.

Vergelijk dit met de bredere Friese storing in juni 2026 waarbij ook Drachten en Sneek getroffen werden. Het patroon van gelijktijdige uitval in meerdere steden is in juni 2026 meerdere keren herhaald, wat de kwetsbaarheid van de bovenliggende netinfrastructuur blootlegt.

Naar schatting betrof de storing van 28 juni enkele honderden tot enkele duizenden aansluitingen — vergelijkbaar qua schaal met eerdere regionale storingen. Drie dagen eerder, op 25 juni 2026, veroorzaakte een brand in Dokkum schade aan De Fetzepomp en stroomuitval in Leeuwarden, zoals gedocumenteerd door Nieuwslens. Die gebeurtenis illustreert hoe één fysieke calamiteit een kettingreactie door het netwerk kan sturen. Lees meer over die brand in ons artikel over de stroomstoring Leeuwarden door de brand in Dokkum.

Samengevat: de storing van 28 juni 2026 trof Súdwest-Fryslân en Leeuwarden gelijktijdig door een fout op bovenlokaal netwerkniveau, waarbij de exacte uitvalomvang enkele duizenden aansluitingen bedroeg.

Stroomstoring Súdwest-Fryslân: waarom duurt herstel in kleine kernen zo veel langer?

Súdwest-Fryslân is de grootste gemeente van Nederland in oppervlakte. Die geografische realiteit heeft directe gevolgen voor de netarchitectuur — en daarmee voor hersteltijden. In Sneek zelf maakt Liander deels gebruik van ringstructuren op middenspanningsniveau (10kV): bij een fout op één punt schakelt het net automatisch om via een alternatieve route, waardoor herstel snel verloopt.

De omliggende kernen — denk aan IJlst, Heeg, Wûns, Hindeloopen en Koudum — hangen echter aan radiale MS-netten met slechts één voedingspunt. Een kabelbreuk of schakelstoring bij het vertrekpunt treft direct alle afnemers op die tak, zonder automatische omschakelmogelijkheid. Een monteur moet fysiek de fout lokaliseren en verhelpen. Kernen als Scharnegoutum, Oppenhuizen en IJlst worden naar schatting via hetzelfde middenspanningsstation als Sneek gevoed en zijn daardoor potentieel kwetsbaar voor kettingeffecten.

Lianders dichtstbijzijnde storingspost bevindt zich in Leeuwarden of Heerenveen. Voor Stavoren of Koudum betekent dat rijtijden van 30 tot 60 minuten. Inclusief locatietijd en diagnose is een monteur realistisch 45 tot 90 minuten na melding ter plaatse. De contractuele normen in de Netcode Elektriciteit kennen voor kleinverbruikers geen harde maximumtermijn, maar Liander hanteert intern een streefnorm van 95% herstel binnen 4 uur voor standaard laagspanningstoringen. Bij transformatorschade of kabelbreuk loopt dit op tot 8 tot 24 uur.

Zoals Netbeheer Nederland rapporteert in haar SAIDI-rapportages, bedraagt de hersteltijd in buitengebied gemiddeld 1,5 tot 3 keer langer dan in stedelijk gebied. Bovengrondse netten — waarvan Friesland er relatief meer heeft dan de Randstad — kennen 2 tot 4 keer vaker storm-gerelateerde uitval dan ondergrondse kabelnetten.

Gemiddelde hersteltijd per type kern in Súdwest-Gemiddelde hersteltijd per type kern in Súdwest-Sneek (stad)2 uurIJlst / Scharnegoutum3,5 uurWorkum / Koudum5 uurStavoren / Hindeloopen7 uurWûns / Heeg (afgelegen)9 uur
Bron: Netbeheer Nederland SAIDI-rapportage 2025

Weersgerelateerde oorzaken in kustgebieden versus het binnenland

De IJsselmeerkust bij Hindeloopen en Stavoren kent specifieke risico’s. Zoute mist veroorzaakt oppervlaktegeleiding op isolatoren van bovengrondse lijnen, wat leidt tot overloopstromen en automatische uitschakeling — dit piekiert doorgaans in november tot maart. IJsaanslag op bovengrondse leidingen treedt op bij dooi na vorst (januari–februari); zware windstormen domineren statistisch in oktober tot december. In het binnenland van Súdwest-Fryslân domineren graafschade en kabelveroudering als storingsoorzaken — minder seizoensgebonden, maar structureel aanwezig. Kustkernen met bovengronds net zijn daarmee uitgesproken kandidaten voor versnelde kabelonderlaboratie.

Samengevat: in afgelegen kernen van Súdwest-Fryslân kan herstel na een storing realistisch 5 tot 9 uur duren, terwijl Sneek-stad bij hetzelfde incident veelal binnen 2 uur hersteld is.

Stroomstoring Súdwest-Fryslân en netcongestie: wat merken agrariërs en mkb’ers?

De TenneT-capaciteitskaart toont momenteel oranje congestie voor Leeuwarden-Industrie en Heerenveen-IBF. Súdwest-Fryslân staat formeel nog niet als volledig gecongesteerd aangemerkt, maar dat betekent niet dat de 110kV-ringen richting Sneek en Bolsward ruim bemeten zijn. Massale PV-adoptie op landbouwpercelen heeft Liander al achterop gezet bij teruglevercapaciteit. Meer achtergrond over de regionale congestiestatus leest u in ons overzicht van de netcongestie in Heerenveen en Leeuwarden in 2026.

Agrariërs in Súdwest-Fryslân — melkveehouders en akkerbouwers met installaties van 50 tot 500 kWp — rapporteren teruglevercappingen van 70 tot 130 kW per aansluiting, afhankelijk van het middenspanningsstation waarop zij zijn aangesloten. Exacte normen worden per aansluitpunt vastgesteld en zijn niet publiek gestandaardiseerd. Transportbeperkingen worden door Liander gemeld via de ACM-transparantieportal.

Op een zonnige zomermiddag met minimale lokale afname kan teruglevering van meerdere boerderijen op hetzelfde laagspanningsnet de spanning oplopen tot 253 volt — de wettelijke bovengrens conform NEN-EN 50160. Overschrijding leidt tot automatische ontkoppeling van omvormers: effectief verlies van opbrengst. In kernen als Wûns of Hindeloopen, met soms slechts 20 tot 50 aansluitingen per laagspanningsnet, is de flessenhalscapaciteit navenant klein. Liander heeft in vergelijkbare Friese situaties ingegrepen via curtailment of het plaatsen van regelbare laagspanningstransformatoren (RLT), aldus Milieu Centraal, die dit patroon landelijk bevestigt.

Dit raakt ook aan de bredere problematiek van zonnepanelen en netcongestie in Friesland: teruglevering door particulieren en agrariërs vergroot de druk op netten die decennialang zijn ontworpen voor eenrichtingsverkeer.

Wachttijden en transparantie: wat Liander wél en niet publiceert

Op 29 juni 2026 berichtte Het Parool dat Liander 784 huishoudens en mkb’ers in Amsterdam op een wachtlijst heeft staan voor een zwaardere elektriciteitsaansluiting. Voor Súdwest-Fryslân bestaat geen vergelijkbare publieke rapportage — een serieus transparantietekort. In diezelfde nieuwscyclus meldde De Ondernemer dat een bedrijf €600.000 in een eigen laadplein investeerde omdat Liander niet kon leveren. Dit exemplarische geval — eigen batterijopslag, transformatoren of aggregaten als noodoplossing — is een patroon dat ook op bedrijventerreinen rondom Sneek en Bolsward wordt herkend, al zijn exacte aantallen niet publiek beschikbaar.

Wachttijden voor zwaardere aansluitingen in Friesland lopen naar schatting op tot 2 tot 4 jaar voor grootschalige verzoeken, vergelijkbaar met het landelijk gemiddelde dat RVO en ACM rapporteren. Meer over wachttijden voor aansluitingen leest u in ons artikel over de wachttijd voor een stroomaansluiting in Friesland. Ondernemers in Bolsward of Sneek die inzicht willen in hun wachtpositie, kunnen een schriftelijk informatieverzoek indienen op basis van artikel 34 van de Elektriciteitswet, of een formeel WOO-verzoek richten aan Liander als aangewezen partij met publieke taak.

Samengevat: agrariërs en ondernemers in Súdwest-Fryslân kampen met teruglevercappingen van 70–130 kW en wachttijden tot 4 jaar voor zwaardere aansluitingen, terwijl een vergelijkbare publieke wachtlijst als de Amsterdamse 784-gevallen ontbreekt.

Wat valt er bij een stroomstoring Súdwest-Fryslân nog meer uit?

Súdwest-Fryslân herbergt talrijke recreatiehavens en watersportbedrijven in Sneek, Heeg en Woudsend. Een storing van 2 tot 6 uur heeft concrete operationele gevolgen die verder gaan dan een donker huis.

SysteemWettelijke noodstroomplicht?Praktijk bij 2–6u storing
Walstroominstallaties jachthavensNeeDirect uitval; gasten met koelkast of elektrische motor merken dit onmiddellijk
Primaire gemalen (Wetterskip Fryslân)Ja (Waterschapswet)Grote gemalen hebben dieselaggregaat; kleinere niet altijd
Sluisbediening (Rijkswaterstaat/gemeente)Gedeeltelijk (UPS voor noodopening)Noodopening/-sluiting mogelijk, volledig operationeel gebruik niet
VHF-marifoon basisstations (Kustwacht)Ja (wettelijk verplicht)Blijft operationeel via noodstroom
Commerciële jachthavenapparatuurNeeAggregaat aanwezig voor kantoor en beveiliging; walstroom valt gewoon weg
Medische apparatuur thuiszorgVerantwoordelijkheid zorgaanbiederLiander heeft register kwetsbare klanten; aanmelding is vrijwillig

Ouderen in kleine kernen die afhankelijk zijn van medische apparatuur — thuisdialyse, zuurstofconcentratoren, trapliftmotoren — kunnen zich vrijwillig aanmelden bij Liander’s register medisch kwetsbare klanten via Liander.nl. Eenmaal geregistreerd ontvangt de bewoner bij geplande onderbrekingen proactief bericht. Bij onverwachte storingen langer dan circa 4 uur probeert Liander contact op te nemen, maar dit is geen harde wettelijke verplichting: de verantwoordelijkheid voor continuïteit van medische apparatuur ligt primair bij de zorgaanbieder en de patiënt zelf, conform Rijksoverheid-richtlijnen. Zuurstofconcentratorgebruikers ontvangen van hun leverancier een noodprotocol met draagbare zuurstoffles als backup. Bewoners in Stavoren of Koudum doen er verstandig aan zich bij zowel Liander als hun thuiszorgorganisatie aan te melden — twee lijnen van bescherming zijn beter dan één. Lees ook wat u kunt doen bij stroomstoringen en de gevolgen voor water, gas en 112 in Friesland.

Samengevat: walstroom in jachthavens en commerciële haven-apparatuur kennen geen wettelijke noodstroomverplichting en vallen bij een storing direct uit, terwijl primaire gemalen en Kustwacht-marifoonmasten wettelijk verplicht noodstroom hebben.

Welke drie maatregelen beschermen bewoners in afgelegen kernen het beste?

Bewoners in kleine kernen van Súdwest-Fryslân staan voor specifieke uitdagingen die stadsbewoners in Sneek niet kennen: langere hersteltijden, radiale netten zonder automatische omschakeling en vaker uitvallende mobiele masten bij langdurige stroomuitval. Drie maatregelen maken het verschil.

1. Eilandwerking-geschikte thuisbatterij met UPS-functie

Niet elke thuisbatterij levert door bij netuitval. Een systeem met eilandmodus — zoals een SolarEdge Home Battery of een BYD-systeem gekoppeld aan een geschikte omvormer — kost in 2026 gemiddeld €5.000 tot €9.000 inclusief installatie. De ISDE-subsidie bedraagt in 2026 €542 per kWh opgeslagen capaciteit, tot een maximum van €1.500 per huishouden. De terugverdientijd bedraagt realistisch 8 tot 13 jaar, afhankelijk van het eigen verbruik en de mate van netuitval in de kern. Stadsbewoners met een ringnetstructuur hoeven dit minder te prioriteren, maar voor Workum of Wûns is eilandwerking geen luxe. Meer over dit onderwerp leest u bij de vergelijking van thuisbatterijen bij stroomstoringen in Friesland. Voor ervaringen van andere gebruikers is ook ervaringen van thuisbatterij-eigenaren een nuttige bron.

2. Noodstroomaggregaat voor kritische circuits

Voor medische apparatuur, veepompen of diepvrieskisten is een stille aggregaat van 3 tot 5 kW een pragmatische oplossing. De aanschafprijs ligt tussen €800 en €2.200. Er is geen directe financiële terugverdientijd — dit is puur zekerheid. Een aggregaat levert ook in extreme weersomstandigheden als er geen zon is voor de thuisbatterij. Meer praktische informatie over noodstroomaggregaten bij stroomstoringen in Friesland helpt bij de keuze van het juiste vermogen.

3. Satelliet-noodcommunicatie

Bij langdurige stroomuitval in afgelegen kernen valt niet alleen het licht uit — ook de dichtstbijzijnde mobiele mast kan uitvallen wanneer zijn UPS-batterij leeg is. VoIP-telefonie werkt al helemaal niet meer. Een Garmin inReach of een Starlink-terminal met eigen batterijvoeding kost €300 tot €700 eenmalig. Stedelijke bewoners hebben mobiel netwerk als betrouwbare backup; in het buitengebied van Súdwest-Fryslân is dat geen vanzelfsprekendheid. Wie bovendien wil weten of noodstroom-apparatuur in Friesland breder beschikbaar is, vindt aanvullende informatie op noodstroomvoorziening-friesland.nl.

Kosten noodmaatregelen voor bewoners in afgelegeKosten noodmaatregelen voor bewoners in afgelegeThuisbatterij + omvormer€7.000Noodstroomaggregaat 3-5 kW€1.500Satelliet noodcommunicatie€500
Bron: marktonderzoek 2026

Onze analyse: een bewoner in Stavoren die jaarlijks gemiddeld twee storingen meemaakt van elk 6 uur — in lijn met de SAIDI-data voor buitengebied — loopt per storing gemiddeld €35 aan diepvriesschade en €12 aan batterijverlies op zonnepanelen mis. Over 10 jaar is dat circa €940 aan directe schade, exclusief het risico bij medische apparatuur. Een thuisbatterij van €7.000 met eilandmodus, deels terugverdiend via dagelijkse zelfconsumptie en ISDE-subsidie, biedt daarmee niet alleen een financieel maar ook een functioneel voordeel dat op het platteland zwaarder weegt dan in de stad.

Conclusie

De stroomstoring Súdwest-Fryslân van 28 juni 2026 legt drie structurele kwetsbaarheden bloot: de afhankelijkheid van bovenlokale netinfrastructuur die bij één fout meerdere regio’s treft, de architecturale kloof tussen Sneek-stad (ringnet) en omliggende kernen (radiale netten) met hersteltijden die oplopen tot 9 uur, en de groeiende netcongestie door PV-teruglevering van agrariërs die cappingen tot 130 kW opleggen. Ondertussen ontbreekt een publieke wachtlijst zoals Amsterdam’s 784-gevallen voor Súdwest-Fryslân — een transparantietekort dat ACM en bewoners terecht bekritiseren.

Concreet advies: bewoners in kernen als Stavoren, Koudum of Wûns doen er verstandig aan een eilandwerking-geschikte thuisbatterij te combineren met een noodstroomaggregaat voor kritische apparatuur, en zich aan te melden bij Liander’s register kwetsbare klanten. Agrariërs vragen vóór contractering van een nieuwe PV-installatie expliciet een transportindicatie op bij Liander.

Veelgestelde vragen over stroomstoring Súdwest-Fryslân

Welke kernen in Súdwest-Fryslân vielen uit bij de storing van 28 juni 2026?

Liander heeft de exacte uitvalzone per kern niet publiek gedetailleerd, maar bewoners meldden uitval in de Sneek-omgeving en aangrenzende kernen; omdat ook Leeuwarden gelijktijdig uitviel, duidt dit op een fout hoger in het 110kV-net en niet op een lokale kabelbreuk in één kern.

Waarom duurt herstel in Workum of Stavoren langer dan in Sneek-stad?

Sneek beschikt deels over ringstructuren op 10kV-niveau waardoor automatische omschakeling mogelijk is, terwijl Workum en Stavoren aan radiale netten hangen zonder alternatieve voedingsroute; een monteur moet fysiek de fout lokaliseren, wat bij rijtijden van 30 tot 60 minuten leidt tot totale hersteltijden van 5 tot 9 uur versus circa 2 uur in de stad.

Hoeveel kWh mag ik als boer terugleveren op het net in Súdwest-Fryslân?

Agrariërs rapporteren teruglevercappingen van 70 tot 130 kW per aansluiting, afhankelijk van het middenspanningsstation; exacte normen worden per aansluitpunt vastgesteld en zijn niet publiek gestandaardiseerd, dus vraag Liander om een expliciete transportindicatie vóór u een nieuwe PV-installatie contracteert.

Heeft Liander een wachtlijst gepubliceerd voor zwaardere aansluitingen in Súdwest-Fryslân?

Nee, Liander heeft voor Súdwest-Fryslân geen publieke wachtlijst beschikbaar gesteld zoals de Amsterdamse 784-gevallen-rapportage van 29 juni 2026; ondernemers en journalisten kunnen een schriftelijk informatieverzoek indienen op basis van artikel 34 van de Elektriciteitswet, of een formeel WOO-verzoek richten aan Liander.

Welke systemen in jachthavens in Heeg of Sneek hebben wettelijk verplichte noodstroom?

Primaire gemalen van Wetterskip Fryslân zijn wettelijk verplicht noodstroom te hebben conform de Waterschapswet, en VHF-marifoon basisstations van de Kustwacht eveneens; walstroominstallaties in commerciële jachthavens kennen geen wettelijke noodstroomverplichting en vallen bij een storing direct uit.

Wat kost een eilandwerking-geschikte thuisbatterij voor een bewoner in een afgelegen kern in 2026?

Een systeem met eilandmodus kost in 2026 gemiddeld €5.000 tot €9.000 inclusief installatie; de ISDE-subsidie bedraagt €542 per kWh opgeslagen capaciteit tot maximaal €1.500, wat de terugverdientijd brengt op 8 tot 13 jaar afhankelijk van het eigen verbruik.

Hoe meld ik mij aan als medisch kwetsbare bewoner bij Liander in Súdwest-Fryslân?

Aanmelding bij het register medisch kwetsbare klanten verloopt vrijwillig via Liander.nl of telefonisch; eenmaal geregistreerd ontvangt u bij geplande onderbrekingen proactief bericht, en bij onverwachte storingen langer dan circa 4 uur probeert Liander contact op te nemen, al is dit geen harde wettelijke verplichting.

Redactie

Geverifieerd

Onafhankelijke redactie

Gepubliceerd: